De rapportages van het verpleeghuis vertellen me dat mama de laatste dagen weer onrustig is. Ze zoekt met een volgepakte rollator naar haar auto en zegt tegen de verzorgenden dat ze echt naar huis moet. “Ik heb wel een hond thuis zitten, die uitgelaten moet worden hoor, anders plast hij alles onder!” Ik vind het moeilijk om te lezen. Ik murmel achter mijn laptop “Hou vol mam, ik ben bijna thuis.” Deze laatste maand in Valencia duurt te lang. Ik wil naar Nederland. Ik wil haar even tegen me aan drukken en over van alles en nog wat praten om haar af te leiden, grapjes maken, haar laten lachen en vragen welke kleur lippenstift ze draagt.
De dagen kruipen voorbij. Ik poets totdat mijn handen zeer doen en één en al rimpels zijn en open barsten met kloofjes. En ik pak alles al in. Al weken leven we tussen de dozen en de allerliefste zoekt zijn onderbroeken, pannen en gereedschap. “Jezus Es, we moeten hier nog een paar weken leven hè.” Ik ben chagrijnig en alles voelt als wachten, zinloos de tijd voorbij laten gaan, ik wil weg. Vreemd dat nu ineens het slow-life me gek maakt. Ik ben degene die steeds riep dat we met z’n allen langzamer en kleiner moeten leven, geen gehaast, geen stress, “go with the flow.“ Nu wil ik actie, inpakken en wegwezen.
Ik besluit om te bellen naar het verpleeghuis en me even aan te melden om te kunnen videobellen. “Ze zit naast me,” zegt de vriendelijke verzorgende “Zullen we het proberen?” en ze geeft de telefoon aan mama. “Esther??? Dat is een leuke verrassing! Ik bereid me voor op een verwarrend en moeizaam gesprek. Maar ik voel me wel meteen rustiger worden en ik hoop dat ze me zal verstaan als ik haar vertel wat er volgende week gaat gebeuren.
“Nou vertel, wat is het goede nieuws?” zegt ze ineens heel helder.
“Mam, ik kom volgende week naar Nederland!” Meteen heeft ze het begrepen en zegt ze “Oh wat gezellig! Op welke dag?” Daarna verzekert ze mij wel vijf keer achter elkaar, dat ze er de laatste tijd vaak over nagedacht heeft om naar mij te komen. “Ja echt, je bent mijn liefste zus en ik wilde heel graag naar je toe.” We bespreken dat het fijn is dat we elkaar straks weer zien. Ik ben gerustgesteld en ik moet lachen als ze nog één keer uitlegt dat ze echt van plan was om naar mij toe te komen en eindigt met “Maar ja dat moet dan wel zinvol zijn hè.”

bestel hier mijn boek
Zo fijn voor jou en Rob dat je zometeen elk moment dicht bij haar kan zijn! Succes met inpakken ( enne Rob ws eenpansgerechten??) en veilige reis naar Nederland!! 😘😘
😘💕🫶